TAAI-consult logoTAAI-consult

← Terug naar blog

Artikel 24 WOR: het scharnierpunt van medezeggenschap

26 maart 2026

Artikel 24 WOR is het meest onderschatte instrument van de OR - en tegelijk het krachtigste als je het goed benut.

Artikel 24 WOR: het meest onderschatte instrument van de OR

Vraag een willekeurig OR-lid naar zijn meest gebruikte wetsartikel en de kans is groot dat hij art. 25 (adviesrecht) of art. 27 (instemmingsrecht) noemt. Artikel 24 WOR - de verplichting tot periodiek overleg over de algemene gang van zaken - blijft opvallend vaak onderbenut. Terwijl het juist het strategische hart van de medezeggenschap is.

Wat beoogt artikel 24 WOR?

Artikel 24 WOR verplicht de bestuurder en de OR om ten minste twee keer per jaar bijeen te komen voor overleg over de algemene gang van zaken van de onderneming. Tijdens dit overleg bespreekt de bestuurder de grote lijnen: de financiële situatie, de verwachte ontwikkelingen, het beleid voor de komende periode, en - cruciaal - de onderwerpen die naar verwachting in de komende periode voor advies of instemming aan de OR zullen worden voorgelegd.

Dat laatste element is de sleutel. Artikel 24 WOR geeft de OR een strategisch vooruitzicht. Het is het moment waarop de OR kan meekijken in de toekomst van de organisatie - voordat concrete beslissingen zijn genomen.

Dit maakt artikel 24 fundamenteel anders dan alle andere medezeggenschapsbepalingen. Waar art. 25 en art. 27 reactief zijn - de OR reageert op een voorstel van de bestuurder - is art. 24 proactief. Het geeft de OR toegang tot het strategische gesprek.

Waarom wordt het zo vaak onderschat?

De onderschatting van artikel 24 heeft meerdere oorzaken:

  • Het levert geen formeel product op. Er is geen advies, geen instemming, geen formeel document. Daardoor lijkt het alsof er "niets" gebeurt.
  • Het is geen verplichting tot overeenstemming. De bestuurder hoeft de OR niet te overtuigen - hij moet informeren en overleggen. Dat voelt voor sommige OR-leden als minder krachtig.
  • De vergadering wordt vaak behandeld als formaliteit. Een uurtje presentatie, een paar vragen, en klaar. De strategische potentie blijft dan onbenut.
  • OR-leden zijn niet altijd getraind om strategisch te denken en te vragen, in plaats van reactief te reageren.

Maar dit onderschat de werkelijke kracht van het artikel. Een goed benutte artikel 24-vergadering positioneert de OR als strategische gesprekspartner, niet als reactieve rubber stempel.

Het verschil met de formele adviesaanvraag (art. 25)

Het is belangrijk het onderscheid te begrijpen tussen artikel 24 en artikel 25 WOR:

  • Artikel 25 is reactief: de bestuurder legt een voorgenomen besluit voor, de OR brengt advies uit. Op dat moment zijn de plannen al grotendeels uitgewerkt. De marges voor beïnvloeding zijn beperkt.
  • Artikel 24 is proactief: de OR krijgt zicht op wat eraan komt, terwijl plannen nog in een vroeg stadium zijn. De marges voor beïnvloeding zijn groot.

Het strategische voordeel van artikel 24 is timing. Als de OR weet welke besluiten er aankomen, kan hij zich voorbereiden, zijn eigen positie bepalen, vragen stellen die de besluitvorming nog kunnen beïnvloeden, en - indien gewenst - al vroegtijdig signalen afgeven over wat hij belangrijk vindt.

Een OR die alleen reageert via art. 25 werkt altijd achter de feiten aan. Een OR die ook art. 24 benut, is proactief aanwezig in het strategische gesprek.

De rol van de RvT in de artikel 24-vergadering

Een bijzondere bepaling in artikel 24 WOR is dat de OR het recht heeft om in bepaalde gevallen ook overleg te voeren met de Raad van Commissarissen (RvC) of Raad van Toezicht (RvT). Dit recht is niet altijd bekend bij OR-leden, maar het kan strategisch zeer waardevol zijn.

In situaties waarin het toezichthoudend orgaan een beslissende rol speelt - bij een voorgenomen fusie, een grote investering, een governance-kwestie, of wanneer er onvrede is over het functioneren van de bestuurder - kan de OR vragen om in gesprek te gaan met de RvT. Dit geeft de OR directe toegang tot het hoogste besluitvormende orgaan van de organisatie.

De RvT is geen partij in het formele medezeggenschapsproces, maar is via artikel 24 WOR wel bereikbaar voor de OR. Dit is een mogelijkheid die veel OR's onbenut laten - terwijl het juist in complexe situaties van grote waarde kan zijn.

Praktisch: de OR kan bij de bestuurder verzoeken om een gecombineerde vergadering met de RvT, of een apart overleg met de RvT plannen rondom de artikel 24-cyclus.

Hoe benut de OR artikel 24 effectief?

Een effectieve artikel 24-vergadering vraagt voorbereiding van beide kanten. Aanbevelingen voor de OR:

Vóór de vergadering:

  • Stel een eigen agenda op die verder gaat dan de presentatie van de bestuurder. Welke vragen wil de OR zelf stellen?
  • Vraag vooraf om de documenten die de bestuurder zal presenteren - minimaal één week van tevoren.
  • Bespreek intern welke thema's de OR wil inbrengen en welke informatie hij nodig heeft.
  • Formuleer concrete vragen over de komende periode: welke besluiten staan er op de rol?

Tijdens de vergadering:

  • Vraag niet alleen naar wat er gaat gebeuren, maar ook naar waarom. Wat zijn de overwegingen achter de plannen?
  • Vraag expliciet: welke besluiten worden in de komende periode aan de OR voorgelegd? Wanneer? In welke volgorde?
  • Vraag naar risico's: wat zijn de scenario's als plannen niet lukken?
  • Vraag naar de financiële positie in relatie tot de plannen: zijn de ambities realistisch?

Na de vergadering:

  • Leg de uitkomsten schriftelijk vast. Wat is besproken? Welke toezeggingen zijn gedaan over timing van adviesaanvragen?
  • Communiceer met de achterban: wat zijn de grote lijnen die de bestuurder heeft gedeeld?
  • Gebruik de informatie als input voor de eigen agenda en werkplanning van de OR.

Artikel 24 als basis voor de gehele medezeggenschapscyclus

Artikel 24 WOR functioneert het best als het wordt gezien als het beginpunt van de medezeggenschapscyclus - niet als een losstaand overlegmoment. De informatie die de OR ontvangt in de artikel 24-vergadering, vormt de basis voor:

  • De adviesaanvragen die hij verwacht (art. 25) - de OR kan zich tijdig voorbereiden.
  • De instemmingsverzoeken die eraan komen (art. 27) - de OR weet wat hij kan verwachten.
  • De informatieverzoeken die hij wil indienen (art. 31) - de OR kan gericht vragen stellen.
  • De eigen agenda die de OR wil volgen - de OR bepaalt zelf zijn prioriteiten.

Een OR die artikel 24 serieus neemt, is altijd beter voorbereid op alles wat komt.

Conclusie

Artikel 24 WOR is het meest onderschatte maar ook meest strategisch waardevolle instrument in het medezeggenschapsarsenaal. Het geeft de OR een strategisch vooruitzicht, positioneert hem als proactieve gesprekspartner, en biedt - via de mogelijkheid tot overleg met de RvT - toegang tot het hoogste niveau van de organisatie. OR-leden die dit artikel actief benutten, werken niet alleen effectiever, maar hebben ook meer invloed. En dat is uiteindelijk waar medezeggenschap om draait: niet reageren op besluiten die al zijn genomen, maar meedenken wanneer het nog verschil maakt.


Veelgestelde vragen

Wat is artikel 24 WOR? Artikel 24 WOR verplicht de bestuurder en OR om ten minste twee keer per jaar te overleggen over de algemene gang van zaken, inclusief verwachte ontwikkelingen en aankomende advies- of instemmingsplichtige besluiten.

Wat is het verschil tussen artikel 24 en artikel 25 WOR? Artikel 25 is reactief: de OR adviseert over een concreet voorgenomen besluit dat al is uitgewerkt. Artikel 24 is proactief: de OR krijgt zicht op wat eraan komt terwijl plannen nog in een vroeg stadium zijn, wat veel meer ruimte biedt voor beïnvloeding.

Kan de OR via artikel 24 WOR ook met de RvT spreken? Ja. Artikel 24 WOR geeft de OR in bepaalde situaties het recht om overleg te voeren met de Raad van Commissarissen of Raad van Toezicht - een mogelijkheid die veel OR's onbenut laten, maar die in complexe situaties van grote waarde kan zijn.

Hoe vaak moet een artikel 24-vergadering plaatsvinden? Minimaal twee keer per jaar. In de praktijk is vaker overleg - zeker bij organisaties in beweging - sterk aan te raden om de OR tijdig en volledig geïnformeerd te houden.

Waarom is artikel 24 zo belangrijk voor de OR? Omdat het de OR een strategisch vooruitzicht geeft. Een OR die weet wat eraan komt, kan zich beter voorbereiden, vroeger invloed uitoefenen en effectiever optreden als vertegenwoordiger van het personeel - in plaats van altijd te reageren op beslissingen die al vaststaan.